Marokko duikt steeds vaker op aan de top van het internationale voetbal. Het mannenelftal bereikte in 2022 als eerste Afrikaanse land de halve finale van een WK, de vrouwen maakten hun debuut op het wereldkampioenschap en ook de jeugdteams, futsalploegen en clubs boeken vooruitgang. Dat lijkt op een plotselinge doorbraak, maar achter de resultaten zit een plan dat al jaren wordt uitgevoerd.
Van losse talenten naar een voetbalstructuur
Marokko heeft altijd goede voetballers gehad. Het verschil is dat talent nu veel systematischer wordt gevonden en ontwikkeld. Onder leiding van bondsvoorzitter Fouzi Lekjaa koos de Marokkaanse voetbalbond voor een combinatie van betere accommodaties, jeugdopleiding en goed opgeleide trainers.
Die lijn is zichtbaar in de Mohammed VI Football Academy. Daar worden voetbaltraining, onderwijs en sportmedische begeleiding samengebracht. Spelers als Youssef En-Nesyri, Nayef Aguerd en Azzedine Ounahi worden vaak genoemd als voorbeelden van wat zo’n professionele opleidingsomgeving kan opleveren.
Investeren in de basis werkt
De groei draait niet alleen om grote stadions of het aantrekken van bekende coaches. Clubs werden gestimuleerd om jeugdopleidingen op te bouwen, terwijl ook vrouwenvoetbal en schoolvoetbal structureel aandacht kregen. FIFA meldde in 2025 dat uiteindelijk 3.000 Marokkaanse scholen bij het programma Football for Schools zouden worden betrokken.
Begin 2026 kwam daar een overeenkomst voor dertig nieuwe minivelden bij. Zulke projecten lijken minder spectaculair dan een WK-wedstrijd, maar zijn op lange termijn minstens zo belangrijk: hoe meer kinderen veilig en goed kunnen trainen, hoe groter de vijver waaruit clubs en nationale teams kunnen selecteren.
Lekjaa kiest voor continuïteit
Lekjaa’s belangrijkste bijdrage is misschien niet één beslissing, maar het vasthouden aan dezelfde richting. De bond investeert tegelijk in faciliteiten, talentherkenning en vakmensen. Daardoor hangt succes minder af van één uitzonderlijke generatie.
Ook de Marokkaanse diaspora speelt een rol. De bond onderhoudt actief contact met spelers die in Nederland, België, Frankrijk en Spanje worden opgeleid. Zij kunnen instromen in een nationale structuur die inmiddels professioneel en ambitieus oogt. Lokale opleiding en Europees gevormd talent versterken elkaar zo.
Het WK van 2030 als versneller
Marokko organiseert het WK van 2030 samen met Spanje en Portugal. Dat brengt grote investeringen in stadions, vervoer en organisatie met zich mee. De kans is duidelijk: het toernooi kan het hele voetballandschap verder professionaliseren. Tegelijk is er een risico dat te veel geld naar prestigeprojecten gaat en te weinig naar de velden en trainers waar kinderen dagelijks spelen.
De echte maatstaf voor succes is daarom niet alleen hoe het nationale elftal op één toernooi presteert. Belangrijker is of jongens én meisjes uit verschillende regio’s toegang houden tot goede begeleiding en of Marokkaanse clubs sportief en financieel sterker worden.
De conclusie
De opmars van Marokko bewijst dat investeringen wel degelijk werken wanneer ze onderdeel zijn van een lange strategie. Lekjaa heeft talentontwikkeling, infrastructuur en organisatie met elkaar verbonden. De resultaten zijn geen toevalstreffer, maar de eerste opbrengst van een systeem dat steeds volwassener wordt.
Bronnen: FIFA over de opmars van het Marokkaanse voetbal, FIFA over opleiding en infrastructuur, Football for Schools in Marokko en het project voor dertig minivelden.
